donderdag 25 april 2013

Alexandrië, Egypte


Donderdag 18 april
Alexandrië, Egypte

“Meer mediterraans dan Egyptisch” aldus de reisinformatie. “Een indrukwekkende Grieks-Romeinse metropool in de oudheid” en “de stad waar de Egyptische koningin Cleopatra een stormachtige romance beleefde met de Romeinse bevelhebber Marcus Antonius”, zo werd Alexandrië ons op grootse wijze geïntroduceerd. Helaas, helaas ligt dat grootse verleden letterlijk en figuurlijk in puin! 
Het was ook te mooi om waar te zijn. Alexandrië, in 331 na Christus gesticht door de Macedonische veroveraar Alexander de Grote, is anno 2013 een rommelige en drukke noord-Afrikaanse stad, waar het verkeer constant vastloopt en veel auto’s t/m het dak geblutst zijn. En daar moet een grote toeristenbus zich doorheen weten te wringen. Zie je het voor je? De chauffeur dwong onze diepste bewondering af! Hebben we nog wat anders gezien? Ja, dat hebben we! Ton en ik hadden gekozen voor de overblijfselen van het Romeinse Alexandrië. Hier is bedroevend weinig van over als je weet dat de stad eens bestond uit honderden paleizen en andere publieke plaatsen. Wat is hier in vredesnaam mee gebeurd, vraag je je af, als je de monumenten bezoekt die nog aanwezig zijn, te weten:
  • Catacombes van Kom-es-Shogada
  • De obelisk van Pompeï
  • Het Romeins amphitheater
  • Beelden en kunstvoorwerpen in het Nationaal Museum.
Het antwoord is simpel: de val van het Grieks-Romeinse rijk en diverse aardverschuivingen hebben al het moois in het water en onder het zand doen verdwijnen. Recentelijk werd het amphitheater herontdekt toen bouwvakkers er een appartementengebouw wilden neerzetten.
Ten eerste bezochten wij de 35 meter diepe catacombes, die in de 2de eeuw na Chr. werden ingericht. Oorspronkelijk was er maaar één catacombe bedoeld als familiegraf, later werd deze uitgebreid met kamers en nissen voor ruim 300 individuele sarcofagen. Er was zelfs een kleine hal voor een begrafenisceremonie. In de sculpturen zijn oude Egyptische motieven verwerkt, maar aan de architectuur is goed te zien dat de kunstenaars zijn opgeleid in de Grieks-Romeinse stijl met een unieke geïntegreerde kunstvorm als resultaat.
De obelisk van Pompeï werd ten onrechte zo genoemd door de kruisvaarders. De pilaar is 27 meter hoog en 2 meter dik en is gemaakt van roze gepolijst graniet uit Assoean. De kolom staat opgesteld voor de geruïneerde tempel van Serapis, in de oudheid één van Alexandrië’s belangrijkste gebouwen. De obelisk werd vervaardigd ter ere van de Romeinse keizer Diocletanus in de 4de eeuw na Chr. en droeg vermoedelijk het standbeeld van deze heerser.
Halverwege ons bezoek kregen we een regenbuitje over ons heen. Potjandorie daar had de cruisedirector niets over gezegd. Niemand van ons had een paraplu of regenjas bij zich. Maar gelukkig duurt een bui nooit lang in het Midden-Oosten! Opvallend zijn de vele woonflats  waarmee het terrein is omzoomd,  van zeer luxe tot ronduit armoedig. Volgens onze gids betalen veel inwoners zo’n lage huur dat er geen geld over is om de boel op te knappen! 
Wij wurmden ons met de bus door de nauwe straten en het drukke verkeer een weg naar het Romeinse amphitheater dat gelukkig in een ruimere wijk is gelegen. Het theatercomplex is pas recent ontdekt en is de enige in zijn soort binnen Egypte. Bijzonder zijn de secties met vloeren van mozaïeken en de 800 zitplaatsen van wit marmer - geïmporteerd uit Europa. 
Vermoedelijk heeft het amphitheater ook als overdekte odeon gediend voor muzikale voorstellingen en als arena voor worstelwedstrijden. De akoestiek is in elk geval prima; dat hebben we samen met medepassagiers Karel en Louise uitgetest!
Op het terrein was tevens een expositie van Romeinse kunstschatten (bustes, sfinxen) die uit het zeewater zijn opgevist. Door diverse aardverschuivingen zijn verschillende delen van de stad in de loop der tijd in de Nijldelta terecht gekomen.
Het Nationale Museum was onze laatste stop in Alexandrië; een klein en fijn museum met duizenden voorwerpen uit de tijd van de farao’s, de Grieks-Romeinse tijd en enkele kostbaarheden die toebehoorden aan de Egyptische koninklijke familie c.q. de afgezette koning Farouk (in 1952). Uit de oude tijd zagen we o.a. afbeeldingen op papyrus, parfumflesjes, beschilderde sarcofagen met de mummie erin en Grieks-Romeinse beelden.
Terug in de haven verheugde ik me op de vele shopjes die hier hun toeristische waren hadden uitgestald; veel van hetzelfde. We kochten wat frutsels en ik wilde ook een jurk of blouse met oude Egyptische motieven. Een blauwe geborduurde jurk zat mij als gegoten en een zwart met rood geborduurde blouse vond ik ook wel leuk. Dus het biedingsproces kon beginnen! De koopman ging akkoord met 40 euro, maar toen ik had betaald en met mijn waren het shopje wilde verlaten, bleef hij met zijn brede lijf pal voor mij staan en drong aan op 5 euro extra. 
Maar dat was ik niet van plan! Deal is deal, en verder geen gezeur. Ton en een collega-winkelier moesten er aan te pas komen om mij te bevrijden. De man was echter niet te stuiten en liep nog een eindje achter mij aan al bedelend om die 5 euro. Heel gênant allemaal. Waar is zijn eergevoel? Ik was meteen winkelmoe en wilde terug naar de boot.
We verheugden ons op het avondprogramma: een lokale Egyptische show, die om half zes zou beginnen. Echter, cruisedirector Anthony deelde ons vlak voor tijd via de intercom mee dat het allemaal niet doorging. De havenpolitie wilde de groep geen toegang verlenen tot ons schip. “Omdat het amateurs zouden zijn en geen professionele dansgroep”. Misschien wilden de functionarissen geld zien of misschien waren ze gewoon bezorgd over onze veiligheid. In elk geval schijnt er veel te zijn veranderd in Alexandrië sinds de revolutie hoorden we van stafleden, en niet ten goede. Gidsen vertelden ons al eerder dat de revolutie niet het gewenste resultaat had opgeleverd. Om er dan optimistisch aan toe te voegen dat democratie - net zoals vroeger in het Westen - nu eenmaal een langdurig proces is...
De Balmoral had geen tijd om dat af te wachten. Wij lieten de vroegere lichtstad met zijn wonderbaarlijke Pharos vuurtoren en zijn honderden tempels en paleizen achter ons en stoomden via de Middellandse Zee op naar Groot-Brittanië’s kroonkolonie: Gibraltar!







Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen